Suus een maand geleden
Jouw bachelorproject is een werkstuk waar je een heel semester aan werkt. Kies een onderwerp dat je interesseert en vraag de promotor altijd voor extra uitleg (bv. is het eerder een literatuurstudie of moet je ook zelf onderzoek doen). Je schrijft een paper van ongeveer 25 pagina's lang in totaal (langer mag zeker, maar hoeft ook niet). Elke week of twee weken (jouw en/of promotors voorkeur) spreek je dan af met jouw promotor om te bespreken wat je hebt gedaan. Dit kan ook gaan over stijl, inhoudelijke fouten, leuke papers of over andere topics die je kan bespreken. Het is zeker ook oké om een afspraak uit te stellen omdat je toevallig een week er niet aan kon werken, maar probeer dit wel wekelijks te doen. Een student op modeltraject heeft normaal een bijna volledig vrije woensdag. Gebruik die tijd dan ook om er aan te werken. Elke promotor heeft ook een andere manier om bachelorproeven te begeleiden: sommigen willen dat je al direct begint met schrijven, anderen willen dat je je eerst grondig inleest. Praat desnoods met oud-studenten om te achterhalen welke aanpak welke promotor heeft. In ieder geval begin je best met schrijven rond week 4-6 (of vroeger). Dan spreid je het werk wat uit, kan je in de flow van het schrijven komen en moet je het niet allemaal tijdens de paasvakantie doen.
Rond het einde van week 12 (check dit met jouw promotor) dien je dan het finale werk in. Begin dus voldoende op tijd met nalezen! In de tijd tussen de indiening en presentatie maak je jouw slides. Je krijgt meestal 15-20 minuten om jouw werk te bespreken. Hou het dus tot de essentie en bespreek de dingen die jij het interessantst vond. Hierna krijg je een aantal vragen van een jury, bestaande uit proffen van de relevante vakgroep. Als je genoeg inzet toont doorheen het semester, zal je hoogstwaarschijnlijk slagen. Succes!